.interviews

A small selection of interviews with Wouter Jaspers. For now mostly in Dutch, translations will follow.

**

Interview 3voor12 / De drang naar het “Wilde Oosten

2009 wordt een druk jaar voor geluidskunstenaar Wouter Jaspers, alias Franz Fjödor. Zijn nieuwe soloplaat Glorious Days komt uit, hij werkt aan een duoalbum met jazzgitarist Bram Stadhouders en verhuist deze zomer naar artistieke wereldstad Berlijn. 3VOOR12/Tilburg sprak met Jaspers over zijn toekomstplannen. “Ik wil wat toegankelijkere muziek maken.”

Dinsdagochtend, 9 uur. Over het algemeen een tijdstip waarop muzikanten nog midden in hun remslaap zitten. Wouter Jaspers (23), alias Franz Fjödor, is echter al aanwezig in zijn studio aan de Gasthuisring. De ruimte heeft veel weg van een studentenkamer. De speakers staan op kratjes Bavaria en de geluidsisolatie is gemaakt van purschuim en tuinkussens. De Tilburger is nog niet helemaal okselfris. “Ik had gisteren een feestje in Rotterdam. Vanochtend vroeg ben ik met de trein hierheen gekomen. Of ik een kater heb? Een beetje, maar dat moet je maar niet opschrijven.”

Het op en neer reizen is Jaspers wel gewend. Zijn experimentele muziek slaat vooral aan op plaatsen buiten de landsgrenzen. “In Nederland snappen mensen mijn dronemuziek met psychedelische donkere folk niet echt. Dat is ook helemaal niet erg. In andere landen slaat het wel aan.” Vooral het koude Oostblok loopt warm voor de geluidslandschappen van Jaspers. “De muziekcultuur is daar heel anders. Het publiek is geïnteresseerd in wat je werkelijk doet, in plaats van in welk krantje je staat. Ze worden daar al enthousiast als een buitenlander zijn gitaar inplugt.” Niet alleen de muziekbeleving staat hem aan. “Het is nog altijd een droom van mij om in Oekraïne te wonen. Ik noem het altijd ‘Het Wilde Oosten’, alles kan daar nog. Daarnaast houd ik erg van de rauwe steden, die geven mij inspiratie.”

Vorig jaar bivakkeerde Jaspers de helft van de tijd in het buitenland om te touren. Hij is daarmee veruit de meest tourende artiest in zijn genre. Dit jaar zal hij nog vaker in het buitenland te vinden zijn. “In de zomer ga ik verhuizen naar Berlijn. Daar zijn verschillende redenen voor: Berlijn ligt centraal, is goedkoop en het artistieke klimaat is geweldig. Ik hoop daar in alle rust te kunnen werken aan mijn nieuwe album. Ik neem geen tv of boeken mee, zodat ik geen enkele afleiding heb. Natuurlijk ga ik wel af en toe naar een feestje, want het moet wel leuk blijven.”

Dat nieuwe album van Franz Fjödor, getiteld Glorious Days, komt uit op 9 december. Tegelijkertijd wordt zijn debuut Exhibition heruitgebracht in de Verenigde Staten. “Het nieuwe album gaat anders klinken. Ik wil wat toegankelijkere muziek maken. In deze scene is het normaal gesproken not done om liedjes te maken, maar dat ga ik toch doen.” Jaspers werkt voor het album samen met andere artiesten. “Voor een nummer heb ik de zang van Koen-Willem Toering van Woost gebruikt. Ik heb zijn stem op veel verschillende sporen gezet en zo probeer ik een soort van eenmanskoor te creëren. Wacht, ik zal het je laten horen.” Jaspers draait zich om en start het muziekprogramma van zijn MacBook op. We luisteren naar de zeventien verschillende opnames van de melancholische stem van Toering. Dit klinkt inderdaad anders dan de omgevingsgeluiden van het debuut.

De geboren Deurnenaar is een druk baasje. Naast een nieuwe Franz Fjödorplaat is hij ook bezig om een album te maken met de Tilburgse jazzgitarist Bram Stadhouders. Net als Brian Eno en David Byrne met hun laatste cd, werken Jaspers en Stadhouders apart aan de muziek. “Bram pingelt wat op zijn gitaar en stuurt dat via e-mail naar mij. Vervolgens ga ik ermee aan de slag en stuur het stuk weer terug.” Het album van het jazzduo Jaspers/Stadhouders moet eind van dit jaar verschijnen. Ook 2010 belooft een druk jaar te worden voor Jaspers. “Ik ga touren door de Verenigde Staten en Japan. Bovendien moet er dan weer een nieuw album klaar liggen. Ik ga voorlopig nog wel even door onder deze naam. Franz Fjödor is mijn persoonlijke dagboek. Het geeft mijn muzikale ontwikkeling weer.”

(http://3voor12.vpro.nl/artikelen/artikel/41994227)

**

Translated from Bulgarian:
Published in september 2009 in a Bulgarian DIY magazine.

What is noise for you?

Noise is a way of interpretating music. It used to be a form of anti-music, but for me its more than that. It’s maybe the only music direction in which all the artists play to express themselves. The whole mindset of DIY and the no-bullshit mentality is what it makes it even more interesting for me. I used to play guitar and vocals in punk and metalbands, made some records with a psychedelic 60′s kinda group, but I never felt it was real, i never felt it was really me expressing myself. In experimental music, I really get the chance to do so, which makes it – hopefully – better or more real. I don’t think i’m a noiseartist, i think i use elements of it, but i don’t see myself as a noise artist.

Is noise art for you?

Sometimes. When I play I see it as an artform, because I know I do it to give the audience something to think about. But hey! What’s art anyway?

What are your influences? In music and art in general?

Travelling influenced me heavily, seeing new places, meeting new people makes me think about everything around. My new cd is about travelling in search for yourself. All the names of the songs and my deeper meaning are about a place / city or spot i visited. The other thing that influenced me is the pop-scene the way it is nowadays. Why? The whole copycat moneymaking music business is getting way out of hand. I’m a huge fan of Jackson Pollock, who makes chaos controllable and of Soviet propaganda, which made the people blind. I try to do both.

How do you do your performances? Do you plan them or just do whatever you feel?

Its a combination of both. I always start my show by getting my mind at ease and I try to wait untill the crowd shuts their mouths so I can concentrate. Without this concentration everything goes wrong. You will never see me smile on stage, simply because at that moment I’ m not thinking, I’ m just working on something. Some parts of my show are planned, but not pre-setted, all the samples I use are live. Thats around 30 % I guess. The rest is improvisation based on existing pieces.

Your appearance and sound on two of your projects is quite different. Is that reflection of your two sides (more humble and violent one) or just a decided act?

It’s a different way of using your body. I always refer to my Cock Cobra shows as a good way to get my body in shape, but of course its also a way to express myself but it’s not agressive or violent. I’d rather describe it as explosive.

As you are traveling and performing at different locations around the world would you say that there is something like a ‘noise community’?

There is a community, but not really a big one. You can see it as multiple amount of webs of a spider that cross at some point, but also operate seperate. The noise community is also divided in some subgenres: you got the guys who are making noise from the performance perspective, like the Fckn Bstrds, The Jim Morrisons and Monopolka. On the other hand you have guys like Carlos Giffioni and John Wiese, who’ re more into the art of the noise, and try to work with that. Guys like Sudden Infant are in between those two. I have connections with both sides, but my shows are more into the musical side of it all, especially Franz Fjodor.

Do you prefer to perform alone by yourself?

Yeah, I really do, simply because I’ m not so good in compromising, so when I want to do something, I want to do it my way. But when I work in groups I get over that…

In front of what amount of audience you feel most comfortable during your acts? And is it important how many people are there to se your performance?

As an artist I would like to see full clubs and outragious crowds, but i know that i choosed the wrong musical direction to achieve that. I’m happy with a audience from which most of the people are truly interested and quiet.

**

DAGBLAD TROUW

Is dit muziek?

Door Armand Serpenti

Op het Eurovision Noise Contest in Tilburg is geen zoetsappig la la la te horen. Dansschoenen thuislaten, oordoppen mee.

Wie zich dezer dagen in Tilburg ophoudt, kan niet anders dan zich buiten de mainstream begeven. Van de bekende zalen tot in de straten, van fabriekshallen en kraakpanden tot in de burgemeesterskamer, de hele stad is het podium voor meer dan 275 artiesten die hun opwachting maken bij ZXZW, het jaarlijkse festival voor independent culture.

Dat festival biedt eigenzinnige, grensverleggende en meest avant-gardistische presentaties uit de wereld van de beeldende kunst, performance, dans, theater, film en vooral de muziek. En die kan bizarre vormen aannemen, zoals bij de freejazzpioniers van het Sun Ra Arkestra en de legendarische postpunkband Wire, maar de apotheose van over the top-muziek is zaterdag bij de Eurovision Noise Contest.

De letterlijke vertaling van noise is ruis, een amalgaam van geluiden, een ondoordringbare wereld van vormloze schimmigheid. Maar noise kun je ook vertalen als kabaal, en dat is waarop het accent ligt tijdens de Eurovision Noise Contest, een ludieke persiflage op de weeïge songfestivalcultuur van vals sentiment, confronterend, shockerend, intimiderend en altijd de grenzen opzoekend van het begrip muziek.

Is dit muziek? Kunnen we hier naar luisteren? Of moeten we het ondergaan?

“Voor mij gaat het om gewaarwording”, zegt Wouter Jaspers, organisator van de competitie en geluidskunstenaar. Onder het pseudoniem Franz Fjödor bracht hij onlangs zijn debuut-cd ‘Exhibition’ uit. Hier liggen veldopnames die hij over de hele wereld maakte aan de basis van donkere klanklandschappen, waarin situaties weerklinken die indruk op hem maakten. “Ik hoop dat ze net als bij mij ook bij de luisteraar associaties oproepen met primaire emoties zoals angst, geluk of woede, indrukken die appelleren aan een oergevoel.”

Jaspers, die overigens zelf niet optreedt tijdens de competitie, kent de Europese noise scene als zijn broekzak. Hij is vrijwel continu op pad en treedt overal op. “Het is een klein wereldje, overal kom je elkaar tegen. Iedereen heeft zijn eigen insteek in de experimentele geluidskunst. Voor de competitie heb ik vertegenwoordigers uit vijftien Europese landen uitgenodigd. Daarbij zocht ik vooral naar acts die radicaal een flinke bak herrie de zaal in smijten, compleet met theatrale provocatie en fysieke intimidatie, artiesten van wie ik weet dat ze een onvergetelijke performance kunnen neerzetten, want het is tenslotte een Eurovision-gebeuren.”

“Uit de inzendingen kiest een driemansjury de winnaar op basis van muziek, performance en mode. Het blijft natuurlijk appelen met peren vergelijken en alleen al daarom is het geen serieuze wedstrijd. Het is vooral leuk om een staalkaart te brengen van wat er zich in de Europese scene afspeelt.”

“Zowel de artiesten als het publiek in de noise scene vormen een gemêleerd gezelschap van 15-jarigen tot 65-plussers dat van extreme muziek houdt. Aan hun uiterlijk is weliswaar een non-conformistische houding af te lezen, maar dwingende kledingcodes zoals voor gothics of punks, bestaan in de noisewereld niet. Opvallend is dat vrijwel iedereen een baard draagt. Het is dan ook een echt mannenwereldje. Waarom er zo weinig vrouwelijke noise-artiesten zijn is mij vooralsnog niet duidelijk. Misschien omdat vrouwen wat minder aan extremiteiten hangen?”

De haast onneembare vesting van overdadige geluidsexperimenten die we tijdens de competitie ondergaan, is behalve een extreme traktatie voor de oren ook een macaber schouwspel voor het oog. “Zo zien we artiesten optreden met monsterlijke maskers waar de ogen uitbungelen, vreemde sjamanistische dansen uitvoeren, zoals Eugene Spaan Stamrot”, vertelt Jaspers. “Ook kunnen we losgaan op de keiharde meligheid van Panmasonic uit Wit-Rusland, die cd’s draaien met Nederlandse sketches, vol flauwe poep- en piesgrappen en die tegelijk met een batterij aan effectpedalen als een gek tekeergaan. Hun frontman is de illustere Phil Monopolka, die ik eens zijn arm heb zien opensnijden in een act waarbij het bloed tot aan het plafond spoot.”

Een avondje lekker dansen zit er niet in. “Of de mensen staan stil en blijven bij zichzelf, of ze gaan helemaal uit hun plaat en storten zich vechtend in de moshpit, zoals bij black metal-concerten.

Het kan er heftig aan toe gaan. Zoals bij Diskoster, die uitkomt voor België. Ik heb een keer bij hem in zijn huiskamer in Tienen gespeeld, die werd volledig aan gort geslagen. Diskoster komt naar Tilburg met keiharde gitaarmuziek en brengt iemand mee die ik wel eens met een zaag op een gitaar heb zien spelen.”

“Uit Rusland komt Seven Armed Ooorgh. Dat zijn pas echt wilde gasten. Er zal zeker bloed vloeien. Ik heb ze eens live een arm uit de kom zien draaien. En vergeet zeker ook niet langs te gaan bij het optreden van Kylie Minoise (die speelt niet tijdens de competitie, maar in het hoofdfestival). Die gaat gewoon keihard staan schreeuwen, maar dan ook echt keihard, als een drilsergeant, op twee centimeter afstand van mensen hun oren.”

Is Jaspers niet bang dat dit allemaal negatieve emoties oproept? Dat de hele boel kort en klein wordt geslagen en mensen met ambulances naar het ziekenhuis moeten met gebroken ledematen en gesprongen trommelvliezen? “Neuh– het zijn echt allemaal heel aardige mensen”, verzekert Jaspers ons. “Zodra de muziek stopt, stoppen zij ook”, stelt hij met een vette glimlach. “De scene is helemaal niet agressief, maar de muziek kan het wel losmaken. Het festival is bovendien in een grote fabriekshal waar helemaal niets aan kapot kan.”

Uiteindelijk mag de winnaar een cd-r uitbrengen op het ZXZW-label en gaat hij naar huis met een bokaal van verchroomd ijzer die pijn doet aan je ogen van lelijkheid. De perfecte onderscheiding, volgens Jaspers. “Want laten we wel wezen: muziek moet helemaal niet mooi zijn”.

**

Het kan Franz Fjödor niet donker genoeg zijn

Door Paul Geerts

Bescheiden? Nee, dat is Wouter Jaspers niet. De muzikant etaleert zichzelf zonder blikken of blozen als één van de meest toerende artiesten uit Tilburg. Dat is niets teveel gezegd. In 2007 trad hij zo’n honderdvijftig keer op, onder andere in Duitsland en Rusland. En dat terwijl onder de naam Franz Fjödor pas deze maand zijn cd Exhibition verschenen is.

Jaspers is een doe-het-zelver. Op zijn bescheiden kamer in het centrum van Tilburg heeft hij de tracks voor Exhibition eigenhandig in elkaar gesleuteld. De geluiden ervoor nam hij onder andere op in concentratiekamp Theresienstadt (Tsjechië) en onder de rook van de voormalige kernreactor bij Tsjernobyl (Oekraïne).

De vijf op het eerste gehoor monotone geluidstukken op de cd hebben iets donkers, maar evengoed iets geruststellend. Neem ‘Geigercounting’, een relatief melodieuze track waarvoor hij een geluidsfragment opnam in een bus naar Tsjernobyl. Op de vraag van een toerist aan de buschauffeur of hij niet bang is voor de radioactieve straling antwoordt hij ontkennend.

“En dat terwijl hij die toch dagelijks maakt.” Een boodschap wil hij niet verbinden aan de filmische tracks. “Maar ik wil mensen wel serieus laten nadenken, ik wil dat ze luisteren en associëren.” Die donkere kant typeert hem. “Ik heb een hekel aan bands die de zonnige kant van het leven willen laten zien”, zegt hij. “Die zoeken mensen maar bij zichzelf. Wat mij betreft kan het niet donker genoeg zijn.”

Somber is hij allerminst, maar die donkere kant zit er wel degelijk in. “Eigenlijk beschrijf ik de relatie van mensen onderling. Daarmee probeer ik bewustwording te creëren.” Daaraan ten grondslag liggen de vele reizen die hij vanaf zijn vijftiende gemaakt heeft. “Terwijl ik een bezoek bracht aan Auschwitz, bezochten mijn vrienden de bierbrouwerij in Arcen”, vertelt Jaspers die geboren is in Deurne. “Ze vertelden me allerlei verhalen. Dat kon ik niet. Daarom ben ik het met muziek gaan doen.” Jaspers noemt zichzelf geluidskunstenaar. “Het verschil met een muzikant is dat ik onderzoek wat het effect van bepaalde geluidsgolven op de luisteraar is.” Die zoektocht slaat aan. “Ik heb opgetreden van garages in Moskou tot op grote podia in Duitsland.” Ook dit jaar slibt zijn agenda al behoorlijk dicht.

De overdosis optredens hangt volgens hem niet alleen samen met internet, maar ook met de bescheiden omvang van de zogenaamde noisescene die zich in Tilburg concentreert rondom het platenlabel Vatican Analog.

Jaspers organiseert voor de komende editie van het Tilburgse ZXZW festival Eurovision Noise Contest, een festival vergelijkbaar met het songfestival waaraan uitsluitend noiseacts aan meedoen. “Ik ben ambitieus. Ik wil alles meemaken en overal zijn. De grootste valkuil is dat ik roofbouw op mijn eigen lichaam pleeg.”

(http://www.brabantsdagblad.nl/algemeen/kunst/3375139/Het-kan-Franz-Fjodor-niet-donker-genoeg-zijn.ece)

**

Vak14, het kleinste festival van Nederland past op één parkeervak
Wouter Jaspers: “We kiezen expres voor variatie”

Door: Robin Geurts

Vak14 is het kleinste festival van Nederland, daar kan geen twijfel over bestaan. Op zondag 26 augustus vindt het festival voor het eerst plaats op het parkeerterrein van ateliercomplex NS16 aan het NS-plein. Zoals de naam al duidelijk zou moeten maken, past het hele feest op één parkeervak, nummer 14 uiteraard. Hoe kom je erop? Wouter Jaspers (Vatican Analog, oud-3VOOR12/Tilburg hoofdredacteur) en samen met Vincent Koreman organisator van het festival: “Alle huurders van NS16 hebben een eigen parkeerplek toegewezen gekregen, maar daar wordt nauwelijks gebruik van gemaakt. Autorijden is niet hip. Wat doe je er dan mee? Wij hebben dit festival bedacht, zodat we tenminste het gevoel hebben dat het geen loze ruimte is.”

Het festival wordt georganiseerd door het Tilburgse noiselabel Vatican Analog, maar er is gezorgd voor een mix van noise-artiesten, singer-songwriters en deejays. Jaspers: “We hebben geen plaats voor een volledige band, die kunnen we hier niet neerzetten. Met deze acts gaat dat een stuk makkelijker.” Het festivalterrein biedt slechts ruimte voor dertig bezoekers, maar dat is volgens Jaspers door de diversiteit aan muziek geen nadeel: “De sfeer die we met deze acts neerzetten is zo specifiek, dat ik verwacht dat de bezoekers echt voor de muziek naar ons festival komen. Het is niet zo dat ze op een heuveltje onderuit kunnen zakken, want daar is geen plek voor. Hopelijk ontdekken ze wat leuke nieuwe dingen in het programma, want het verschil tussen de acts is juist zo leuk. We kiezen ook expres voor de variatie en niet alleen voor experimentele muziek.”

Er zijn de afgelopen dagen nog een paar namen toegevoegd aan het drukke programma, vertelt de organisator: “The Dead Beat Club uit Schotland komt exclusief naar ons festival, een groep songwriters die echt hele goede muziek maken. Verder hebben we Autonon uit Tilburg op het laatste moment toegevoegd.” Op het programma staan verder de éénpersoons-noiseact Cock Cobra, de 8-bit techno van Neurobit, singer-songwriters als Brigit van Zundert, The Light Brigade en Mante en als klap op de vuurpijl de deejay’s. Perestrojka Soundsystem komt uit Eindhoven en brengt hippe Balkan Beats mee, maar de wat onbekendere namen moeten we volgens Jaspers niet uitvlakken: “DJ Fiësto is er om echt voor het feest te zorgen, terwijl Bavaria Cowboy XL met zijn schlagermuziek juist de muzikale diepgang opzoekt.”

De organisatie zorgt voor vega-burgers en bier en er komt zelfs een camping, op het naastgelegen parkeervak 13. De dertig kaartjes à 5 euro worden alleen verkocht bij platenzaak Antenne in Tilburg. Sinds het begin van de verkoop op maandag zijn er al aardig wat tickets verkocht, vertelt Jaspers. Het festival is voor Vatican Analog ook een beetje een opwarmertje voor het Utrechtse festival deBeschaving, dat op 1 september plaats vindt. Het label heeft daar een eigen podium in een legertent, waar onder andere Meldy Peaches, The Jim Morrisons, Rioteer en Staplerfahrer hun opwachting maken. “We zijn druk bezig met de voorbereiding daarvan. Met Vak14 zoeken we alvast de festivalsfeer op,” zegt Jaspers.

3VOOR12/Tilburg mag één kaartje weggeven voor het kleinste festival van Nederland. Daarvoor moet je wel wachten op de prijsvraag, die na het weekend op de site zal staan. Zou Vak14 trouwens het Guinness Book of Records halen? Jaspers: “Ik weet niet of het het kleinste festival ter wereld is. Je kunt natuurlijk altijd een podium op één stoeptegel zetten en daar dan één persoon op laten balanceren.”

(http://3voor12.vpro.nl/artikelen/artikel/40444084)